Interview: vrijwilligerswerk in Afrika, moet je stevig in je schoenen staan?
Veerle, veerledevries, heeft onlangs vrijwilligerswerk gedaan in Zuid-Afrika. De organisatie waar ze voor werkte helpt seksueel misbruikte kinderen. Op welke manier heeft zij haar steentje bijgedragen en hoe heeft ze deze tijd ervaren? Wereldwijzer vroeg het haar.
1. In welk land heb je gewerkt en wanneer?
In Zuid-Afrika, van 5 april tot 26 juni 2010. 12 weken lang.
**2. Ben je alleen of samen met iemand daar naar toe gegaan? **
Ik ben er alleen naartoe gegaan. Maar er was een groep van 6 vrijwilligers, de meesten uit Nederland. Dus we hebben samen gewerkt. Een aantal van hen had ik van tevoren in Nederland al een keertje ontmoet.
http://media.wereldwijzer.nl/vast01/ww.0091.jpg
http://media.wereldwijzer.nl/vast01/ww.0088.jpg
3. Wat voor een soort werk heb je gedaan?
Als vrijwilliger bij Operation Bobbi Bear doe je uiteenlopende dingen. De organisatie is erop gericht om seksueel misbruikte kinderen te helpen. De organisatie redt per jaar honderden kinderen, regelt medische zorg, begeleidt ze bij het verwerken van hun trauma, vangt ze op met tijdelijke huisvesting en begeleidt ze tijdens een rechtzaak. De kinderen hebben allemaal een verschrikkelijk trauma te verwerken. Het grootste doel van de organisatie is om na een verkrachting te voorkomen dat een kind besmet raakt met HIV. Als ontwikkelingspsycholoog heb ik geholpen met het geven van counseling. Ook heb ik misbruikte kinderen voorbereid op het geven van een verklaring in de rechtszaal. Daarnaast heb ik nog tal van andere dingen gedaan. Bij elke vrijwilliger wordt datgene waar ze goed in zijn gebruikt. Je kunt dus altijd wel een bijdrage doen, al moet je wel stevig in je schoenen staan voor dit project.
4. Wat heeft je bewogen om naar dit land te gaan?
Het continent Afrika spreekt mij erg aan. Ik vind dat de hele westerse wereld dit continent eeuwenlang niet de kansen heeft gegeven waar het recht op had. Daarom wil ik nu graag iets terugdoen. Het project Operation Bobbi Bear sprak mij specifiek aan omdat ik mijn kennis als ontwikkelingspsycholoog wilde gebruiken, en relevante werkervaring wilde opdoen. Dit project bestaat alleen in Amanzimtoti (vlakbij Durban, Zuid-Afrika). Als Nederlandse heb ik trouwens ook wel iets speciaals met Zuid-Afrika. Het zijn toch onze voorvaderen die het land hebben gekolonialiseerd en in de vorige eeuw de apartheid hebben ingevoerd. Ik vind het daarom heel bijzonder om als Nederlandse een bijdrage te kunnen leveren aan de vooruitgang van dit land, nu de apartheid eindelijk (op papier) is afgeschaft.
5. Heb je dit zelfstandig geregeld of via een organisatie?
Ik ben via de organisatie Be More gegaan (www.be-more.nl). Deze organisatie steunt een groot aantal lokale projecten in Zuid-Afrika en Uganda (en sinds dit jaar ook Malawi) met vrijwilligers. Be More heeft echt een ontzettend goede voorbereiding gegeven, en dit zorgt ervoor dat je niet het gevoel hebt dat je er alleen naartoe gaat. Ze hebben zelfs ter plekke een Nederlandse regio coördinator die je begeleidt en die er altijd voor je is als je hulp nodig hebt. Ik voelde me daardoor absoluut veilig, zowel voor vertrek als tijdens mijn verblijf. Ook nu, na afloop, heb ik nog regelmatig contact met Be More, en ben ik betrokken bij fundraising.
http://media.wereldwijzer.nl/vast01/ww.0089.jpg
http://media.wereldwijzer.nl/vast01/ww.0090.jpg
6. Wat is de leukste ervaring die je tijdens de reis hebt meegemaakt?
We zijn met een groepje een weekend naar het Hluhluwe game park geweest. Daar hebben we vier van de big five gezien! Alleen de luipaard ontbrak, maar dat werd goedgemaakt doordat we een cheetah gespot hebben. Terwijl ik op ongeveer 20 meter van de auto een leeuwenpaar aan het filmen was, gingen ze ineens paren! Dus dat heb ik helemaal op video staan! Wat een geluk was dat, echt onvergetelijk!
<div class=“lazyYT” data-youtube-id=“FlRG1OTmrJQ” data-width=“480” data-height=“270” data-parameters=“feature=oembed&wmode=opaque”></div>
7. En de minst leuke ervaring?
Een van de moeilijkste dingen die ik heb meegemaakt is dat we een 8-jarig meisje, die tijdelijk door ons was opgevangen, naar een kindertehuis moesten brengen. Zij was door haar ouders zwaar fysiek mishandeld, ze zat onder de littekens. In de paar dagen dat ze bij ons verbleef veranderde ze in een vrolijke kwebbeltante en zag ze er heel gelukkig uit. Maar ze kon niet bij ons blijven en moest naar een kindertehuis. Als je de kindertehuizen daar hebt gezien, begrijp je wel waarom we haar daar liever niet wilden achterlaten. Ze krijgen daar nauwelijks persoonlijke aandacht, ze mocht bijna geen persoonlijke bezittingen hebben en de manier waarop hun discipline wordt bijgebracht laat op z’n zachtst gezegd te wensen over… Ze was dan ook erg verdrietig toen we haar daar achterlieten. Toch is dit de realiteit voor heel veel Afrikaanse kinderen.
8. Wat zijn de grootste (cultuur) verschillen tussen Nederland en het land waar je gewerkt hebt?
Er zijn teveel verschillen om op te noemen. Een van de dingen waaraan nog te merken is dat de apartheid nog sterk leeft in de mensen, is dat het voor zwarte mensen uit de community vrijwel ondenkbaar was om ons, als blanke, aan te spreken. Het duurde dan ook even voordat we in gesprek raakten met mensen, want we moesten er eerst achter komen dat wij zelf op hun af moesten stappen. Tijdens de apartheid mochten zij blanken niet benaderen, en daarom durven veel van hen dat nog steeds niet. Als wij op hun afstapten, vonden ze dat trouwens geweldig! Ze waren erg vereerd als wij als blanken met hun wilden praten en ze een knuffel gaven. Dat was wel een gekke gewaarwording.
Een cultuurverschil waar we in het werk vaak tegenaan liepen is dat bijvoorbeeld aan Zulu kinderen wordt geleerd dat het onbeleefd is om iemand recht in de ogen te kijken. Het is dus een vorm van beleefdheid om weg te kijken als iemand tegen je praat. Terwijl wij juist vinden dat je iemand aan moet kijken als die tegen je praat, omdat het anders lijkt alsof je niet luistert. Dat was dus wel lastig af en toe, om te realiseren dat ze juist beleefd waren, terwijl het voor ons heel onbeleefd leek.
**9. Wat heb je daar geleerd, wat voor jou heel waardevol is? **
Ik heb ontzettend veel geleerd in Zuid-Afrika. Maar een van de belangrijkste dingen is dit. In Zuid-Afrika wordt je heel veel geconfronteerd met ellende, ziekte, dood, noem maar op. De grote meerderheid van de bevolking heeft het moeilijk. Maar ze slaan zich er allemaal doorheen omdat ze samen zijn. Familie en vrienden om je heen is ontzettend belangrijk en dat heb ik daar aan den lijve ondervonden. Dat is iets wat ik de rest van mijn leven meeneem.
http://media.wereldwijzer.nl/vast01/ww.0087.jpg
http://media.wereldwijzer.nl/vast01/ww.0092.jpg
10. Zou je het ooit nog eens doen? Zo ja, in hetzelfde land of in een ander land?
Ik heb echt een bijzondere band gekregen met Bobbi Bear en de mensen die daar werken. Ik zou daarom erg graag nog eens terug willen gaan. Dan moet ik wel eerst een heleboel sparen, en mijn vriend overtuigen om mee te gaan. Het is voor mij vooral de organisatie, en pas op de tweede plaats het land zelf, waarom ik terug wil gaan. Het is overigens een fantastisch mooi land, en ik wil de volgende keer ook zeker meer van het land zien als toerist. Maar ik heb tijdens mijn vrijwilligerswerk ook gezien wat voor ellende er heerst, en wat voor problemen er nog heersen in het systeem, en het politieke klimaat. Er moet nog veel gebeuren, en tot die tijd hebben ze nog veel hulp nodig.
11. Heb je tips voor anderen die ook van plan zijn om te gaan werken in dit land?
Laat al je verwachtingen los. Het is altijd goed om van tevoren te lezen over het land, ik raad vooral aan om weblogs te lezen van vrijwilligers die er al eerder geweest zijn (bijvoorbeeld mijn weblog: veerledevries.be-more.nl). Maar niets kan je van tevoren echt voorbereiden op hoe het daar echt is. Dat kan je alleen begrijpen als je er zelf bent geweest. Dus laat je verwachtingen los en laat het op je af komen. Met een open blik kom je het verst en zal je het meest leren.
Links bij dit interview: