Ja die westerlingen die alles zo goed weten over hygiëne en daarom ook zeer vatbaar zijn voor welke vreemde bacterie dan ook. Als ik dit soort stukjes lees dan krijg ik altijd de indruk dat die inlanders met hun eten rotzooien, nou dat is lang niet altijd zo. Je moet gewoon je ogen de kost geven en zeker de eerste week rustig aan doen. Je bouwt echter anti-stoffen op en na een week of twee drie kan je elke warung die er goed uitziet aan. Ik ga altijd om een uur of 8 – 9 bij een warung mijn hoofdmaaltijd gebruiken. Dan zijn ze nog aan het koken of hebben net gekookt, ik kan daar de hele dag op teren met af en toe en snack. Je moet gewoon je ogen goed de kost geven en je hersens gebruiken. Als het erg druk in een warung is kan dat betekenen dat het daar spotgoedkoop is of het eten niet te vreten, maar de sambal geweldig is. Ik ben wel eens met een toerist in een klein restaurantje gaan eten, want ik wist dat het eten daar fantastisch was en die ging bijna over ze nek. Ik vraag hem wat is er aan de hand. Hij zei “vieze tafeltjes” ik lachen, die mensen maakten die tafeltjes zoveel schoon dat het hele formica versleten was. Als je in een warung eet dan ben je pas echt in Indonesië. Bijvoorbeeld de specialiteit van Makssar is ikan bakar, die worden alleen maar in warungs verkocht, je gaat toch binnen geen rooksignalen aan een vissie geven. Als je een land wil begrijpen dan zul je je toch een paar gewoontes moeten proberen eigen te maken, anders snap je dr nooit iets van. Het linkste zijn volgens mij die toeristenrestaurants met grote vriezers, met de elektra die een paar keer per dag voor uren uitvalt. Denk je dat ze een vriezer die 24 uur zonder prik heb gestaan leegmaken en al die Australische biefstukken, T-bones en Rib-eyes aan de honden opvoeren?
Martabak eet ik vaak en is de bijna de enige lekkernij die ik koop , vaak omdat mijn gezin dat wil heben.
Het is schoon , voor je ogen bereidt , en goed gebakken.
Bij bakmie moet ik toch adviseren dat men rekening moet houden met de gebruikte vlees ( is het zuiver ?) .
Ik zag baso ballen (kip-vlees) die dagenlang staat te sudderen in de zonlicht , een K3 of K5 stalletje heeft geen gekoelde vitrine.
Dat bepaalde stalletjes vaste klanten hebben is logisch.
Ik heb ook gudeg (javaans) gegeten , besteld en laten ophalen in een “gewone pasar” in Jakarta .
De tijd en taxikosten zijn een veelvoud van de " speciale" gudeg, die schoner , beter is dan de goedeg in een " top" restaurant.
Tegenwoordig heten de bewoners van Indonesia , Indonesiers .
Vwb de 2deel posting heb je wel gelijkt.
Hoewel , ik zou niet zomaar eten in een K3 of K5 , ook met veel blanke toeristen.
Dat heb ik dus gemist, anders zou ik er nu niet over begonnen zijn…:redface:
Het is jammer voor (nieuwe) bezoekers van dit forum dat er hier mensen zijn die andere mensen corrigeren, ik heb er over het algemeen een hekel aan. MAAR: iemand die spreekt over resistente pillen, wet duidelijk niet waarover ze het heeft. Wanneer je dan in die ontwetendheid vertelt dat je voor Flores en Sulawesi geen pillen hoeft te nemen omdat het voor Bali en Java ook niet hoefde, is ronduit verkeerd en gevaarlijk bezig.
Idensco, Indonesie is groter dan Europa. Hoe groot is het fragmentje dat je hebt gezien? En net als bij ons, zijn er daar ook 12 maanden in een jaar. De hoeveelheid muggen is deel seizoensafhankelijk, hoeveel weken was je ook alweer geweest? I rest my case…
Ach, ik heb mijn moeder tijdens haar eerste reis bij warungs en K5 laten eten. De eerste keer vond ze het een beetje eng, maar daarna wilde ze niet anders.
Om aan te geven hoe groot Indonesie is:
:dag:
Bedankt Bule voor die plaat, ik was er al een poos naar op zoek voor een presentatie.
Kan ie 'm inkleuren op een regenachtige zondag; Bali kleur ik geel, Lombok kleur ik groen, Flores rood en de Gili-eilanden blauw. Indesco
Deze Indesco heeft al zo weinig te vertellen over Indonesië, en als de helft van de tips die je geeft dan nog gaan over plaatsen waar je nog niet bent geweest en waarschijnlijk ook nooit ga bezoeken vanwege kotsgevaar, kun je beter helemaal je mond houden. Ik heb al diverse opmerkingen en of vragen aan deze persoon gesteld maar krijg daar geen antwoord op. Maar dit persoon inspireert me altijd wel tot schrijven van korte reisverhaaltje, zoals dit, een paar jaar geleden op Flores.
Kelimutu
s’Morgens rond ½4 gaat de wekker en als we zonsopgang willen zien zullen we nu moeten opstaan en dat valt niet mee omdat we gisteren na het avondeten grote inspiratie bleken te hebben in het schrijven van muziek. Die inspiratie heeft er waarschijnlijk ook voor gezorgd dat we meer biertjes hebben gedronken dan een mens kan verdragen en waardoor we nu lekker duf wakker worden.
Nadat we onze kater wegspoelen met sterke koffie en ons wassen met ijskoud water zoals hier in Moni gebruikelijk is worden we dan toch langzaam wakker. Gelukkig hebben we onze ransel gisteren al ingepakt want we zijn net bezig onze kleren aan te trekken of we horen de truck die ons naar de voet van de Kelimutu zal brengen onze losmen al voorrijden.
Nadat we zijn ingestapt en blijkt dat we niet de enige toeristen op dit tochtje, wat duidelijk kenbaar wordt gemaakt door het gezucht van onze medepassagiers omdat ze een paar minuten hebben moeten wachten, begint de truck aan zijn klimtocht over de donkere wegen. Het tochtje is weinig interessant omdat ze plaatsvindt in het donker, het geslinger en gedraai in de bochten brengt onze kater weer langzaam terug en we zijn blij dat we nu niet in een afgesloten bus zitten en dat we de koele wind op onze gezicht kunnen voelen, want anders hadden onze medepassagiers heel wat meer te klagen gehad.
Na een kleine 3 kwartier stopt de bus en kunnen we beginnen aan onze wandeltocht, een wandeltocht wat weinig avontuurlijk is omdat er een duidelijk pad loopt en bij het steile gedeelte zelfs traptreden zijn aangelegd zodat het je wel helemaal gemakkelijk wordt gemaakt, bovendien voel ik mij eigen net een mak schaapje omringd door een kudde reisorganisatie dieren (Djoser, Baobab, FOX?) wat allemaal dezelfde kant uitloopt.
Na een klein uurtje bereiken we de top, maar door de grote aanwezigheid van mensen niet speciaal aandoet. In de verte zie je dat het vaag lichter wordt en dit is wel zeer indrukwekkend omdat het landschap van Flores zeer afwisselt is waardoor je overal ruige pieken van de bergen te zien krijgt.

Na een paar uur op de top van de Keli Mutu te hebben doorgebracht en ons hebben verwonderd over deze kratermeren met hun verschillende kleuren, zijn we de enige die nog zijn overgebleven, de truck of beter gezegd veewagen die ons naar boven heeft gebracht is allang vertrokken en heeft de reisorganisatie kuddedieren weer meegenomen waarschijnlijk op weg naar een nieuw groots avontuur. Eenzaam lopen we dan naar beneden waar we op een gegeven moment kunnen kiezen of we via de gewone weg naar beneden lopen of langs allerlei binnendoor paadjes, een tip wat ik ooit eens had gelezen in de Odysee reisgids Indonesië en wat ik toen heb gekopieerd. Dit blijkt een goede keus te zijn, want dit pad loopt via prachtige vergezichten en langs een paar kleine desa waar we een paar slimme bewoners (die waarschijnlijk deze reisgids ook hebben gelezen) een kleine warung hebben opgezet waar je wat kan eten en drinken. Na een paar keer verkeerd te hebben gelopen en we de weg hebben moeten vragen zien we na ongeveer 3 uur in de verte Moni liggen.
Blij dat we onze tocht bijna volbracht hebben krijgen we bijna vleugeltjes als we denken aan een koude Bintang in “ons” favoriete restaurant/café met constant reggae muziek op de achtergrond, kip met nasi en onze nog lang niet afgeschreven muziekstukken. Maar voordat we aankomen in Moni komen we eerst nog langs een waterpoel en waterval waarin we, nadat we snel onze schoenen en shirt hebben uitgetrokken, ontspannen hebben relaxen, het bier kan nog wel even wachten.
Hi gil-kat inDOOSco, nog steeds gefrustreerd?:wacko:
Hoe zal dat komen, denk je ? Indesco
Gefrustreerdheid laat ik wel aan jullie over :dag:Indesco
Waarschijnlijk omdat je niets te vertellen hebt over Indonesië, jou informatie komt rechtstreeks uit de Trotter reisgids. Als er forumleden zijn die jou hierover aanspreken ga jij deze mensen beledigingen omdat jij niet tegen kritiek kunt.
Onderstaand verhaaltje staat ook niet in jou reisbijbeltje, een reis van bijna 2 dagen naar het oosten van Indonesië op een door jou zo erg verafschuwde ferry.
Inschepen in Benoa (Bali), met de Pelni richting Oost.
Aangekomen in de haven kwam ik in een grote georganiseerde chaos terecht, iedereen liep of lag door elkaar. Maar op de een of andere manier wist iedereen toch precies wat ze moesten doen of laten. Terwijl ik mij zat af te vragen, wat ik moest doen, waar ik mij moest melden, waar ik mijn ticket moest laten zien. Zette mijn reisgenote zich op haar gemak op een bankje, maakte een praatje met bekenden kortom zij voelde zich helemaal op haar gemak in deze chaos. Natuurlijk kreeg ik ook mijn portie aandacht, een grote blanke op een Pelni boot is nog steeds een bijzonderheid, zeker als je richting oost gaat. Ik kan hier wel als een stoere gozer gaan roepen dat het me helemaal niets deed en me zonder problemen door de menigte bewoog, maar een ieder die in Indonesië rond loopt, weet dat die aandacht overweldigd kan zijn, te veel kan worden en ik voelde mij er eigen erg opgelaten door. Gelukkig was na een uurtje het nieuwe er wel af en werd ik min of meer met rust gelaten. Ondertussen was de boot ook al aan komen varen, dus de aandacht werd toch van mij naar dat schip gelegd.
Nadat het schip had aangelegd begon de grote volksverhuizing, mensen die van boord ging, bagage werd uitgeladen terwijl wij ons steeds verder naar voren probeerde te dringen, waarvoor wist ik nog steeds niet, we hadden toch een ticket. Op het moment dat wij aan boord konden gaan, op zoek naar onze hut begreep ik ineens waarom onze ticket zo goedkoop was. We kwamen namelijk terecht op een slaapzaal voor zo’n 100 mensen onder elkaar. Jankende kinderen, hoesten en rochelende mensen, hoogzwangere vrouwen, kettingrokende mannen, echt alles lag door elkaar. Eenmaal een goed slaapplaatsje te hebben gevonden, een matje op een verhoging, kwamen de porters met de bagage aan en wat die lui allemaal meeslepen ik weet het niet, ons redelijke “comfortabel” hoekje werd al snel omringd door stinkende manden, kooien met kippen en vogeltjes, balen en dozen met onduidelijke lading, ondertussen dacht ik maar aan één ding gezellige boel gaat dat hier worden.
Nadat we dan toch min of meer ons plekje hadden veilig gesteld, ik een beetje onwennig en zenuwachtig heen en weer aan het lopen was, mijn kleine ransel snel had gevuld met al mijn geld, paspoort en fotocamera, zodat ik die dicht bij mij kon houden, gingen we terug naar boven om afscheid te gaan nemen van Bali, natuurlijk constant denkend aan mijn reistas met kleren en of ik die straks niet geplunderd terug zou vinden.
Daar stonden we dan aan de reling. Ondertussen was het al bijna 6 uur, veel viel er niet meer te zien, terwijl we van Bali wegvaarde werd het snel donker, Vliegtuigen zagen we in de verte opstijgen en landen, terwijl we Bali achter ons lieten en naar Lombok vaarde voor de eerste stop van de reis.
Deze verhaaltjes zijn leuk op in een boekje te bundelen.